De ontdekking van de maand: Thuin

Thuin. Niet meteen een naam die bij mij een belletje deed rinkelen toen ik daar een werkgerelateerd uitstapje naartoe moest maken, maar al vlug bleek dat volledig ten onrechte te zijn. De stad in Henegouwen is echt wel een bezoekje waard. Je twijfelt nog? Hier zijn mijn vijf argumenten..

1. De hangende tuinen

IMG_6074

De topattractie van Thuin is een geklasseerd middeleeuws terrascomplex met 210 schilderachtige terrastuinen. Deze Jardins Suspendus liggen op de zuidflank van de heuvel waarop Thuin gebouwd is en genieten zo van een microklimaat. Toen de terrassen in 2001 gerenoveerd werden, werd een deel ervan opnieuw beplant met wijnstokken, die een natuurlijke zoete wijn opleveren, Le Clos des Zouaves. De wijn zelf hebben we niet geproefd, dus of die zo goed is als de inwoners van Thuin beweren, kan ik (nog) niet bevestigen. Je kan in de hangende tuinen wandelen – de toeristische dienst beschikt over plattegronden en her en der staan ook panelen met informatie – maar ook een wandelingetje naar even buiten de stad, waar je een prachtig zicht hebt op de terrassen, is zeker een aanrader.

IMG_6064

2. Middeleeuwse romantiek

Smalle straatjes, kronkelende wandelpaadjes, middeleeuwse doorgangen… Thuin heeft charme te over en het is dan ook heerlijk om door het stadje te dwalen.

IMG_6054

Flaneer, en laat je door het stadje verrassen. De steegjes leiden je langs en onder de woningen door, om je vervolgens te vergasten op prachtige vergezichten. Verwacht je wel aan de nodige trappen en toch wel wat daal- en klimwerk.

IMG_6060

Thuin is immers gebouwd op een heuveltop, vlakbij de plaats waar de Biesmelle in de Samber vloeit. Een strategische plaats, waar al sinds 4.000 voor Christus mensen wonen. De Kelten vormden de heuveltop om tot een versterkt dorp, terwijl de Romeinen de havenactiviteiten uitbouwden. Ook de Noormannen hadden een oogje op Thuin. In de negende en tiende eeuw kreeg de hoofdstad van Thudinië herhaaldelijk te kampen met invallen van de Vikings, maar de bewoners wisten die invallen telkens af te slaan.

IMG_6066

De robuuste stadswallen, de middeleeuwse huisjes… Thuin ademt geschiedenis uit zonder belegen te zijn. Wij ontdekten maar één minpuntje toen wij door de stad wandelden: de vele hondenstronten, zeker in de buurt van de stadswallen, waardoor we af en toe meer naar de kasseien voor ons dan naar de prachtige panorama’s naast ons moesten kijken…

IMG_6082

3. Het Belfort

IMG_6041Een indrukwekkende toren, die in de bovenstad boven alles uitsteekt. Wel makkelijk, want zo is het belfort het ideale mikpunt voor wie naar het centrum van de stad wil wandelen. Dit stukje Unesco-Werelderfgoed ligt immers aan het centrale plein Place du Chapiter, vlakbij de toeristische dienst en tal van restaurantjes. De huidige toren dateert uit 1639, maar werd gebouwd op de restanten van een eerdere toren, die dateerde uit de 13de eeuw. Wie wil, kan de 40 meter hoge toren beklimmen. Na exact 194 traptreden word je beloond met een uitzonderlijk uitzicht over de valleien van de Samber en de Biesmelle, al hebben wij dat niet zelf uitgeprobeerd.

4. Het visserijverleden

Je verwacht het niet onmiddellijk in een stadje in het zuiden van Henegouwen, maar in Thuin vind je heel wat vissersrelicten. De binnenscheepvaart bepaalde het leven in Thuin eeuwenlang en dat zijn ze daar niet vergeten. Een eerste teken vind je op het Dansplein, een binnenplein achter het belfort, waar kunstenaar Daniel Fauville een aantal silhouetten van schepen geplaatst heeft.

IMG_6048

Maar wie het visserijverleden van Thuin echt wil ontdekken, moet afdalen naar Le Quartier Batelier ofte de benedenstad van
IMG_6092Thuin. Aan de oevers van de Samber ligt daar een echte binnenschipperswijk. Ondertussen zijn de meeste binnenschippers met pensioen of verhuisd, maar in de nauwe steegjes ontdek je nog tal van ankers, masten en andere scheepsattributen.

De binnenschippersgilde in Thuin was trouwens een van de bekendste van het Prinsdom Luik, die vooral een boost kende met het kanaliseren van de Samber in de 19de eeuw en het realiseren van de waterverbinding tussen Parijs en Charleroi.

De wijk kent trouwens een folkloristisch gemeentehuis, waarbij de bewoners in het jaar na de gemeenteraadsverkiezingen een mayeur (burgemeester) en een champetter (politieagent) verkiezen. Een oude traditie die de inwoners van Le Quartier Batelier overnamen van Luik. Tijdens onze wandeling ontdekten wij trouwens het huis van le mayeur…

IMG_6095

Wie meer wil weten over Thuin en de binnenscheepvaart moet zeker L’Ecomusée de la Baellerie bezoeken, gevestigd in de Thudo, een verbouwd binnenschip aan de rechteroever van de Samber. Je ontdekt er werkelijk alles over de binnenscheepvaart – van de scheepsbouw over communicatiemiddelen, het dagelijks leven aan boord tot de oorlogsgebeurtenissen in Thuin… Voor onze zonen was het een welgekomen stop tijdens de wandeling en we maakten het bezoek nog leuker door hen telkens te laten raden waar de voorwerpen in de vitrinekasten voor gebruikt werden.

5. Het abdijbier

IMG_6104In Thuin ligt ook de abdij van Aulne, waar eeuwenlang bier gebrouwen werd, tot de abdij in 1794, tijdens de Franse revolutie, compleet werd vernield. Bier werd er dus niet meer gebrouwen, al werd de productie na anderhalve eeuw wel hervat in andere brouwerijen, ver verwijderd van de oorspronkelijke site. Of toch tot de brouwerij van Val de Samber vlakbij de ruïnes een nieuwe brouwerij installeerde, waardoor je nu opnieuw kan proeven van bieren die gebrouwd zijn in het hart van de abdijgrondvesten. Sinds 2005 mag Abbaye d’Aulne trouwens het label Erkend Belgisch Abdijbier dragen. Een tip: echte kenners en streekbewoners spreken trouwens niet van Abbaye d’Aulne, maar gebruiken altijd de afkorting ADA. Er zijn trouwens verschillende ADA’s op de markt: amberkleurig, blond of bruin… Voor elk wat wils. Ik proefde zowel van Triple Blonde (8%) als van de Brune des Pères (6,5%) en was door beide bieren gecharmeerd.

IMG_2294

En ook nog…

Thuin is veel meer dan bovenstaande tips… Ik had mijn lijstje met argumenten met gemak kunnen verdubbelen. Zo is er ook het trammuseum, waar je niet alleen een 30-tal oude trams kan ontdekken, maar waar je ook kan genieten van een – IMG_6057adembenemend mooi – ritje langs de historische tramlijn tussen Thuin en Lobbes. En dan is er ook nog de deelgemeente Ragnies, die door kenners wordt omschreven als een van de mooiste dorpjes van Wallonië. Er is de Distillerie de Biercee, een vruchtendistilleerderij waar zowel likeur als brandewijn wordt geproduceerd, of het Maison de l’imprimerie et des lettrés de Wallonie over de boekdrukkunst, maar bovenal zijn er de inwoners. Warme mensen, zoals de patron van A Notre Idée, waar wij ’s middags op goed geluk binnenstapten.

In A Notre Idée zijn de porties echt op maat van de patron gemaakt. En dat is een beer van een vent.

We werden er écht in de watten gelegd. Hoewel wij enkel een hoofdgerecht namen, kregen we toch een lekker – en flink uit de kluiten gewassen – hapje vooraf, en de patron overstelpte ons met informatie, brochures én insidertips. En dat was nog voor we ons eigenlijk hoofdgerecht kregen… Ik nam een spaghetti met mosseltjes en scampi en kreeg een bord waar een volledig gezin van kon eten. Ik ben een ‘grote eter’ en heb echt mijn best gedaan, maar die portie kon ik onmogelijk alleen wegwerken. De patron is een beer van een vent, en de porties zijn duidelijk op zijn maat gemaakt. Wat me meteen aan mijn laatste tip brengt: als je in A Notre Idée wil eten – verwacht geen culinair vuurwerk, maar wel eenvoudige en lekkere gerechten, waarvan er heel wat met plaatselijke producten gemaakt worden – vraag dan zeker een kleine portie!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s